Peter de Ruiter is schrijver, uitgever en podcastmaker. Hij ziet zichzelf als ‘digitaal pionier’ en zegt dat hij zonder de digitalisering die eind vorige eeuw is begonnen niet had kunnen bestaan als professional. Via AVA_Net hoopt hij de digitale grondstoffen te verkrijgen die zijn producten gestalte geven. Ideeën en mogelijke samenwerkingsverbanden staan ook zijn lijstje. Wat dat betreft heeft hij de bijeenkomst op 25 juni als zeer waardevol ervaren. Lees hieronder zijn verslag.
Al in de eerste minuten van het symposium Erfgoedhelden van AVA_Net op 25 juni worden de pakweg honderd bezoekers wakker geschud met een pregnante vraag van co-presentator Jan Müller: “Wie van jullie zijn zo dapper om AI te gebruiken?” Mogelijk geschrokken van deze suggestieve vraag steken slechts enkelen hun hand omhoog. “Hoezo dapper?”, klinkt het uit de zaal. “Vanwege de mogelijke teloorgang van authenticiteit”, antwoordt iemand. Daarover later meer.
Thomas Desmedt (HoGent) weet het publiek in de grote zaal van Beeld & Geluid al snel gerust te stellen door te laten zien hoe nuttig AI kan zijn in de digitale archiveringswereld. “Stel dat je 100.000 uur ongeïndexeerde audiovisuele content hebt. Vroeger had je daar 25.000 mensdagen voor nodig — oftewel 114 werkjaren. AI doet het werk van 60 mensuren in 1 uur, en dat 24 uur per dag, 7 dagen per week. Dan is die klus in 3 maanden geklaard. Zijn er nog vragen?” In potentie worden zo in korte tijd belangrijke personen, documenten en gebeurtenissen aan de vergetelheid ontrukt.
AI werkt 24/7
Thomas Desmedt (HoGent) weet het publiek in de grote zaal van Beeld & Geluid al snel gerust te stellen door te laten zien hoe nuttig AI kan zijn in de digitale archiveringswereld. “Stel dat je 100.000 uur ongeïndexeerde audiovisuele content hebt. Vroeger had je daar 25.000 mensdagen voor nodig — oftewel 114 werkjaren. AI doet het werk van 60 mensuren in 1 uur, en dat 24 uur per dag, 7 dagen per week. Dan is die klus in 3 maanden geklaard. Zijn er nog vragen?” In potentie worden zo in korte tijd belangrijke personen, documenten en gebeurtenissen aan de vergetelheid ontrukt.
Losgeld voor bevroren collectie
Ook het thema veiligheid komt aan bod. Jan Müller (Regionale Publieke Omroep) vertelt hoe de redactie van RTV Noord op een dag werd geconfronteerd met een totale blokkade van hun bestanden. Toegang was alleen mogelijk na betaling van losgeld, waarover via het darkweb met hackers kon worden onderhandeld, “Bitcoins accepted!” Of er daadwerkelijk is betaald, laat Müller in het midden. Volgens een onderzoek van de Raad voor Cultuur uit 2023 krijgt drie op de tien cultuurorganisaties te maken met dergelijke incidenten. In een nieuw onderzoek, dat juli 2026 verschijnt, zal dat aantal naar verwachting aanzienlijk hoger liggen.
Exotische opslagmedia
Tegelijkertijd kunnen te strenge beveiligingsmaatregelen het werk frustreren. Wekelijks wisselende wachtwoorden zijn berucht, terwijl social engineering, het ontfutselen van gegevens via slimme trucs, een blijvend risico vormt. Daar komt bij dat erfgoedorganisaties werken met verouderde en soms exotische opslagmedia. Virusscanners kunnen daarbij onbedoeld bestanden verwijderen wanneer zij een risico detecteren. Een praktische tip is om nieuw binnengekomen dragers eerst enige tijd apart te houden, zodat beveiligingssoftware kan worden bijgewerkt. Om risico’s te beperken brengen onder meer de Tweede Kamer, de Belastingdienst en diverse cultuurinstellingen hun audiovisuele archieven onder bij DAAN Tenancy van Beeld & Geluid. Zij profiteren van de beveiligde infrastructuur, terwijl ze zelf de toegang tot hun materiaal kunnen beheren.
Legaal misbruik
Daniel Steinmeier (KB, Nationale Bibliotheek) wijst op een andere ontwikkeling: ‘legaal’ misbruik. Het aantal aanvragen voor ISSN-nummers, nodig voor de registratie van periodieken, is sterk gestegen. Onder de noemer predatory publishing is een sector ontstaan van pseudo-wetenschappelijke tijdschriften waarin auteurs tegen betaling publiceren, zonder noemenswaardige verspreiding of reputatie. Het fenomeen doet denken aan het Wereldtijdschrift (1938) uit Lijmen/Het been van Willem Elsschot, waarin adverteerders verplicht werden grote aantallen exemplaren af te nemen, terwijl de daadwerkelijke distributie nihil was. Dit roept de vraag op in hoeverre erfgoedinstellingen verantwoordelijk zijn voor mogelijk ‘legaal misbruik’ van hun open collecties en metadata. Een onderwerp dat verdere discussie verdient.
De grens tussen gebruik en misbruik is dus diffuus, net als het begrip authenticiteit. In een subgroep ontstaat hierover een levendige discussie. “Zodra iets ontstaat, is het authentiek. Daarna komt iedereen eraan en verandert het,” luidt een van de stellingen. Voor documentairemakers kan de oorspronkelijke drager, mogelijk inclusief filmblik met aantekeningen, van grote waarde zijn. Toch verdwijnen zulke objecten vaak, zeker bij particulieren, uit praktische overwegingen of omdat een digitale kopie als ‘voldoende’ wordt gezien. Daarmee gaat informatie verloren die later juist cruciaal kan blijken. Met de komst van technieken zoals 4K-filmscanning, waar Beeld & Geluid nu over beschikt, wordt dat probleem zichtbaar: zonder origineel materiaal blijven de mogelijkheden beperkt. De voorlopige conclusie: authenticiteit als absolute categorie bestaat niet, maar herkomst en transparantie wel, plus de consensus daarover.
Aan de vergetelheid ontrukt
Een deelnemer noemt Fritz Langs Metropolis (1927), een film die in talloze versies en lengtes circuleert, soms met verschillende kleuringen. Wat is dan het origineel? Het antwoord vraagt om gedegen onderzoek, precies het soort werk dat Beeld & Geluid faciliteert, bijvoorbeeld via Team Makers. Een treffend voorbeeld van zo’n onderzoek is dat van filmmaker Sabine Groenewegen, die stuitte op onbekende filmbeelden van vredesdemonstraties door vrouwen in 1939. Door aanvullend archiefonderzoek kon zij deze fragmenten in context plaatsen en verwerken tot de korte film Remanence. Zo is een vrijwel vergeten geschiedenis opnieuw zichtbaar gemaakt. Found footage en goed ontsloten archieven versterken elkaar: samen maken ze verborgen verhalen toegankelijk en dragen ze bij aan de geschiedschrijving.




